*/1


‘Van Tong 

Picasso 

tot acryl’

Schilderen is de grote passie van Marja van Lammeren-Roels. In de lange gang in woonzorgcentrum Stuijvenburgh heeft ze haar eigen museum vol mooie herinneringen.



'Het was de

mooiste tijd

van mijn leven'



'Het liefst waren

we er samen

oud geworden'

Een selectie van haar werk siert de gang in woonzorgcentrum Stuijvenburgh. Marja woont er naar haar zin. Maar het heimwee naar het uitzicht op zee is er altijd. 

,,Het was de mooiste tijd van mijn leven.’’Ze was nog jong toen. Dat maakt alles mooier. En ze was er altijd samen met Matthé, van vroeg tot laat. Hij in de keuken, zij gastvrouw. Altijd het water van de Krabbenkreek in de achtergrond. Een rozentuin had ze ook, met meer dan honderd soorten. Hoe dat geurde! Marja kan het nog allemaal oproepen, alsof het gisteren was. Natuurlijk was het destijds een sprong in het diepe voor het Bergse stel. Een horecazaak beginnen op het eiland Tholen. Dat lag niet voor de hand. Spijt hebben ze nooit gehad. Fruitbomen hadden ze trouwens ook aan huis. Zelfs een moerbeiboom.  Marja maakte haar eigen confituren, allemaal voor de gasten. In de keuken leefde Matthé zich helemaal uit. ,,En ik mocht zijn recepten altijd het eerst proeven.’’

Tong Picasso
Ze begonnen bescheiden in De Lagune. Een ijsje en frisdrank verkopen, dat was de bedoeling. Toen kwam er een frituurpan, voor de patat en de kroketten. De veelal Belgische toeristen vroegen om frites met biefstuk. Voor Matthé, tot dan vooral een fanatieke hobbykok en hoofd van de technische dienst bij keukenfabrikant Bruijnzeel, was het geen punt. Mettertijd kwamen er meer vleesgerechten en zelfs een hele viskaart bij. Hoe kan het anders, op zo’n idyllische plek tussen de jachthaven en het open water. Tong Picasso, daar scoorde Matthé altijd mee. De vruchten op de vis in dat klassieke recept kwamen in De Lagune niet uit blik. ,,Bij ons was alles vers.’’

Kermisfamilie   
Matthé had altijd al de lokroep van de zee gehoord. Hij had zijn papieren voor machinist aan boord. Als dienstplichtig militair koos hij voor de marine. Marja zelf is afkomstig uit een Bergse kermisfamilie. Opa Hendrik had drie spullekes, zoals Marja dat noemt. De draaimolen stond met Bergse kermis altijd bij de Draak voor. De schommel was elk jaar te vinden bij ’t Locomotiefke. En op de Vismarkt was er nog een zweefmolen. ,,Dat was allemaal voor de oorlog.’’ Haar vader heette Hendrik en werkte lange tijd bij de bekende kermisexploitant Janvier. Marja werd geboren in de Weverskat. Lachend: ,,Boven de kolenboer.’’ In de oorlogsjaren woonde het gezin in het Cromwielstraatje. Daarover weet Marja ook nog wel een leuke anekdote, hoewel het een sombere tijd was. ,,Achter in de schuur hadden we onderduikers: twee paarden.’’ De dieren waren eigendom van transportbedrijf De Graauw, zowat hun buren in die tijd. Alle paarden werden gevorderd, behalve dus die twee bij Roels in de schuur. ,,Stiekem lieten we ’s nachts op straat, om te bewegen. We hadden zakken om hun voeten gebonden, zodat de Duitsers ons niet zouden horen.’’

Ondernemen
Na zijn diensttijd bij de marine trouwde Marja met haar Matthé. Het jonge echtpaar kocht al snel een huis in de Vechtstraat. ,,Eén van de eerste huizen die je destijds met subsidie kon kopen.’’ Ze waren als kinderen zo blij. ,,Er was veel woningnood in die tijd.’’ Marja weet nog precies hoeveel het huis kostte: 20.000 gulden. ,,Je was verplicht om er tenminste tien jaar blijven wonen. Anders moest je de 8.000 gulden subsidie terugbetalen.’’ In de familie van Matthé  zat het ondernemen in het bloed. Pa Cor van Lammeren wist alles van elektriciteit, deed in feestverlichting en zorgde voor de aansluitingen van kermisattracties in het hele land. Zoon Bertus zat ook in het bedrijf. Kees, de andere zoon, begon een elektriciteitswinkel in Halsteren. De ooms Piet en Jan werden bekend met hun constructiebedrijf, eerst in Halsteren en later op het bedrijventerrein in Sint-Maartensdijk. Zowat de hele familie Van Lammeren woonde bij elkaar op een kluitje, in Halsteren. ,,Vlakbij de plek waar nu dat grote scherm staat. Het straatje van Van Lammeren werd het genoemd.’’

Afscheid   
Marja en Matthé verloren hun hart aan De Lagune. Hun twee kinderen Ruud en Angelique groeiden er op. ,,Het liefst waren we er samen oud geworden.’’ Door een ongelukkige val liep alles anders. Marja brak haar rug op twee plekken. Het kwam nooit meer goed. Het echtpaar verhuisde noodgedwongen naar de Bunthof, in Bergen op Zoom. Beeldend roept Marja het afscheid van De Lagune op. ,,Ik stond voor het raam, keek over het water en huilde tranen met tuiten. Ineens dook uit het water een school harders op. Die vissen draaien altijd rondjes en dat bleven ze doen. Ze kwamen afscheid van me nemen. Zo heb ik dat altijd gevoeld.’’

Gastvrijheid
Zeven jaar geleden overleed Matthé. ,,Ik mis hem nog elke dag.’’ Gelukkig zijn de kinderen goed terecht gekomen. Angelique geeft les aan de Hotelschool in Middelburg. Ruud verhuurt appartementen aan toeristen in Zuid-Frankrijk. ,,We hebben allemaal iets met gastvrijheid.’’ In Stuijvenburgh pakte Marja het schilderen op. Een jaar geleden pas. ,,Ik ben een beginner, het is liefhebberij.’’ In haar Thoolse periode deed ze al aan beeldende vorming, na een cursus van de Halsterse kunstenaar Leon Vermunt. Her en der in haar appartement zijn de beeldjes uit die tijd te zien: van een haan vol kleur tot een liggend naakt in grijs. ,,Met mijn handen in de klei, dat was zo lekker.’’ Schilderen met acrylverf is nu haar grote passie. En natuurlijk is er Cato, haar trouwe hondje. Cato staat ook op een schilderij, samen met twee jonge kinderen die in zee gaan. Een stipje wit met veel blauw. De kinderen zijn natuurlijk Angelique en Ruud. Het is een verzonnen landschap. ,,Ik doe veel uit het blote hoofd.’’ Andere zee-taferelen komen langs, soms met dreigende stormluchten. Vaker schijnt de zon, met felle kleuren. Dat past bij Marja. ,,Ik ben altijd positief geweest en dat ben ik nog, ook nu we hier op ons laatste stationneke zitten.’’

Dertig jaar lang baatte ze bij de jachthaven in Sint-Annaland restaurant De Lagune uit, samen met haar man Matthé. De zee is nog altijd haar grote inspiratiebron. Maar ook schildert Marja van Lammeren-Roels stillevens met bloemen, tangospelers en andere vrolijke onderwerpen.