*/1


MENSEN

LIEF

Marcel van der Linden - artiestennaam marcellus - noemt zichzelf een tikkie chaotisch, bij tijd en wijle. De zo gewenste structuur vindt hij in zijn fotografische projecten. Zo schilderde hij met licht en letters vijftig bewoners van tanteLouise. Kleurrijk in zwart en wit. En nu is daar het boek.

‘De antwoorden zijn soms ontroerend

De vraag die marcellus (zonder hoofdletter) op de lippen brandde was even confronterend als intiem: ‘Vertel, wat is uw mooiste herinnering?’ ‘De antwoorden zijn soms ontroerend in hun eenvoud of lezen juist als het slot van een indrukwekkende film. Maar wat opvalt is dat je vrijwel altijd het plezier van het ontmoeten erin weerspiegeld ziet. Als je vraagt om de mooiste of waardevolste herinnering gaat het bijna altijd over mensen, over dierbaren. Zelden of nooit over spullen.’ 

Marcel van der Linden kent inmiddels de lokroep van het eigen hart. Met een hardnekkig fascinatie voor oude gebouwen droomde hij ervan om architect te worden, maar de verdergaande digitalisering van het ambacht schrok hem af. ‘Ik verzeilde in de makelaardij, later in de financiele dienstverlening. De enige drijfveer was geld verdienen en wel zoveel mogelijk. Het resultaat was dat ik mezelf volledig voorbij liep en vervolgens gruwelijk tegenkwam. Ik was op.’

In de tijd die Marcel nodig had om op te krabbelen, deed hij vrijwilligerswerk in Residentie Moermont. ‘Ik ben niet iemand die lang stil kan zitten, ik moest mijn energie kwijt, wilde iets om handen hebben. Ik heb er geleerd wat ik echt wilde en dat was niet perse veel geld verdienen. Ik besloot: volg je hart en doe alleen nog dingen die je leuk vind. Het werd de fotovakschool in Rotterdam. Daarna nog wat kleinere opleidingen in het buitenland. En ja, wat doen fotografen? Die maken boekjes.’

De uitdaging om dementie te vangen in beeld was geen gemakkelijke voor Marcel van der Linden, fotograaf maar ook vrijwilliger bij tanteLouise. De confrontatie met oudere mensen die machteloos het besef van tijd en zijn hebben zien verwaaien, raakte hem soms diep. ‘Fotograferen is ook voelen. Ik zie zo’n portret toch vooral als een ontmoeting. Je kunt dat heel erg sturen, maar dat heb ik bewust niet gedaan. Ik stelde slechts die ene vraag en dan klik.’

Voor zijn eerste portretreeks fotografeerde marcellus vijftig wildvreemde passanten van diverse nationaliteiten in hartje Amsterdam. Later flikte hij dat kunstje nogmaals, maar nu in New York. En nu is daar het derde boek: Dierbare herinneringen. Vijftig portretten in zwart-wit, allemaal clienten van tanteLouise. 

‘Of ik zelf tevreden ben? De reacties waren ontzettend leuk, de ontmoetingen zo mogelijk nog plezieriger. Maar ook van de ijdelheid bij die dames op leeftijd kon ik oprecht genieten. Of ik tevreden ben over mijn eigen werk, vind ik lastiger te beantwoorden. Ik zit nog in de leerfase, assisteer vaak professionals en kijk dan mijn ogen uit. Ik ben nog heel erg aan het verkennen en misschien behoorlijk kritisch op mezelf.’ 

Marcellus vond de inspiratie voor het boek ‘Dierbare herinneringen’ onder meer in de film After Life van de Japanse cineast Hirokazu Koruda. ‘Mensen mogen daarin een moment uit hun leven kiezen. Dat wordt vervolgens nagespeeld en op video vastgelegd zodat ze het mee kunnen nemen naar de hemel. Dat vond ik zo’n mooi gegeven.’



'Dierbare

herinneringen'



De keuze van 

Marcellus

#1

Jenny Hemelaar (Jacqueline)

'Op de foto brengt ze haar hand naar haar gezicht en verbeeldt dat ze heel erg diep nadenkt. Haar mooiste herinnering? De dag dat ze als vierjarige een paar klompen kreeg.'

#2

Sonja van Hees (Elisabeth)

'Ze heeft het na een vervelende val fysiek erg lastig maar is desondanks heel erg tevreden. Ze denkt met plezier terug aan haar trouwdag, aan de geboorte van haar zoon maar ook aan alle aandacht die ze in het verzorgingshuis krijgt. Die enorme dankbaarheid en waardering is zo mooi, dat raakt.’

#3

Gemma van Kaam (Elisabeth)

'Het verhaal van Gemma is als een film. Als jonge vrouw hoort ze een oproep op de radio aan alle meisjes om brieven te schrijven naar de soldaten, naar onze jongens in Nederlands-Indie. Drie jaar lang schrijft ze elke dag een brief aan wat later haar echtgenoot zou worden. Hij is inmiddels overleden, maar de brieven bewaart Gemma nog altijd in een Mozesmandje in haar kastje. Zo mooi.’